overzicht

Zakelijk Engels schrijven: woordgroepen en zinnen

Leer Engelse woordsoorten, woordgroepen en zinnen.

Engelse woorden en woordgroepen vormen zinnen. In dit bericht bespreken we woordgroepen, zinsdelen, zinsopbouw en de verschillende soorten Engelse zinnen. 

De taalbegrippen die voorbij komen, helpen ons over Engels te praten. Ze geven ons toegang tot de informatie hoe het hoort. Dit helpt ons de taal begrijpen en beter Engels schrijven. 

Je leest het eerste deel van de cursus zakelijk Engels schrijven. Het is allemaal vrij technisch. Stel gerust je vraag of laat een opmerking achter in de reacties. Ik antwoord zo snel mogelijk.

In het kort

1. Words

Nouns en pronouns omschrijven een zelfstandigheid. Verbs beschrijven een handeling, situatie of proces.

Adjectives geven meer informatie over nouns en pronouns. En articles maken ze bepaald of onbepaald. De adverbs geven meer informatie over verbs.

Conjunctions verbinden woorden en woordgroepen. Ze geven net als prepositions een relatie aan. Interjections zijn woorden die een emotie uitdrukken.

2. Phrases

Phrases zijn groepjes woorden in een zin. Deze woorden vormen samen een betekenis. Er zit géén onderwerp en werkwoord in een phrase.

3. Clauses

Clauses zijn ook woordgroepen die samen een betekenis vormen. Maar in een clause zit wel een onderwerp en werkwoord.

4. Sentences

Een sentence is een groep woorden die een complete gedachte vormt. De Engelse zin heeft altijd een onderwerp en werkwoord.

Goed, laten we er weer induiken!

Bommetje - wave content

2. Phrases

Er zijn 6 soorten phrases in het Engels. Het verschil zit hem in de woordsoort, waaromheen een phrase is opgebouwd.

Onthoud dat phrases nooit een combinatie van subject en verb bevatten. De woordgroep vertelt dus nooit ‘wie/wat iets doet’.

Noun Infinitive Gerund Prepositional ing en ed appositive phrases

My little niece | plays with | a tiny green scoop.
Her neighbour | is | a musician.

Phrase ⇨ Noun + modifiers

De noun phrase is een woordgroep met alle woorden die de noun meer betekenis geven. Een noun phrase kan een subject, subject complement en object zijn in de zin. Hierover straks meer.

I am happy to meet you
To learn a language well requires years of practice.

Phrase ⇨ Infinitive + objects en modifiers

De infinitive is de basisvorm van een verb. Die herken je aan het woordje to. Een infinitive phrase is de infinitive en alle woorden die zijn betekenis compleet maken.

I am really good in playing chess
What are the chances of winning the lottery twice?

Phrase ⇨ Gerund + objects en modifiers

Heb je het onthouden? Een gerund is een verb in de -ing form, die gebruikt wordt als noun. De gerund phrase kan net als de noun phrase: een subject, subject complement en object zijn.

She reads a book in the evening.
A house without a roof.

phrase ⇨ preposition + noun (phrase)

Prepositions geven relaties aan tussen woorden. Prepositional phrases kunnen een plaats, tijd, beschrijving of bezit aangeven. 

Before leaving, he gave her a kiss.
The girl standing next to the car is hot.

phrases ⇨ present/past participle + objects en modifiers

Sommige -ing en -ed phrases geven meer informatie over een noun of pronoun. Ze gedragen zich als adjectives. Andere geven een tijd of reden. 

She loves watching the television show Breaking Bad.
Rarotonga, an island in the pacific, is beautiful.

phrase ⇨ noun phrases

Appositive phrases zijn noun phrases die andere nouns hernoemen. Appositive is Engels voor toepasbaar of passend.

3. Clauses

Engelse zinnen zijn ook op te delen in clauses. Dit zijn de woordgroepen of zinsdelen met een subject en verb.

Uitzondering zijn commando’s. Dit zijn ook clauses. Hierbij laten we het subject you weg (we begrijpen dat you het onderwerp is). 

(You) Be safe.

Independent clauses

Sommige clauses vormen op zichzelf een zin: de gedachte is compleet. Dit noemen we independent clauses.

Conjunctive adverbs zoals ‘therefore’ en ‘however’ geven de relatie aan tussen (koppelen) twee independent clauses

Dependent clauses

Clauses die we moeten koppelen aan andere zinsdelen, om de betekenis van de zin compleet te maken, noemen we dependent– of subordinate clauses.

Er zijn 3 soorten dependent clauses. Ze beginnen met een subordinating word of relative pronoun. (RP)

Jack went home early because he was sick.
Mick, whom we met at the trade fair, is my accountmanager. (RP)

Dependent adverb clauses beginnen altijd met een subordinating conjunction. Ze beantwoorden de vraag: waar, wanneer, waarom of hoe. Ook beschrijven ze een voorwaarde, tegenstelling, doel of resultaat. 

I take my phone with me wherever I go.
Although Henk studied hard, he did not pass.

Dependent adjective clauses beginnen met een relative pronoun of relative adverb. Daarom noemen we ze ook wel relative clauses. Ze geven meer informatie over nouns en pronouns. Die heten dan de antecedent.

Anyone who wants to learn more about English should follow me on LinkedIn.
I get grumpy in Autumn, when it rains every day.

Een dependent noun clause gedraagt zich als een noun. Het kan een subject, subject complement, direct object of object met preposition zijn. De clause start met een subordinating word dat twee ongelijke ideeën verbindt.

Whether they will succeed is still uncertain. 
This is exactly what I expected

4. Sentences

Een sentence of Engelse zin bevat tenminste één independent clause. De sentence bestaat uit (1) een subject en een verb en (2) vormt een complete gedachte.

When they arrived after a long flight from Wuhan.

Dit is geen zin. Wat gebeurde er toen zij aankwamen? De gedachte is niet compleet.

Stop!

Dit is wel een zin. De independent clause staat in gebiedende wijs. Het is duidelijk dat de subject you is. Daarom laten we deze weg.

Engelse zin: subject + predicate

Een zin is op te splitsen in twee delen: het subject en predicate. In het Nederlands, het onderwerp en gezegde. 

We weten dat het subject een noun of pronoun is, die laat zien over wie/wat de zin gaat. De predicate is de verb met woorden die hier iets over zeggen.

Simple vs. complete subjects

Ook het subject kan uit meerdere woorden bestaan. De enkele noun of pronoun die aangeeft over wie/wat de zin gaat, heet de simple subject. De volledige omschrijving van het subject, met alle modifiers, is de complete subject. Dit zijn de articles, adjectives, prepositional phrases of dependent clauses.  

The longest blogpost I have ever read is called ‘Zakelijk Engels schrijven’.

Het herkennen van de simple subject voorkomt fouten, bijvoorbeeld in meervoud en enkelvoud:

Neither of my siblings is married.

 

Predicates en zinsopbouw

In de meest simpele zinsopbouw is een predicate alleen de verb. Maar een predicate kan ook bestaan uit de verb en objects, complements of modifiers: woorden die iets zeggen over de verb

Standaardzinnen Engels

Engelse zinnen hebben 6 standaardvolgordes, afhankelijk van de opbouw van het predicate. Deze basic sentence patterns vind je hieronder:

Subject en intransitive verb

Dit is de meest simpele vorm van een Engelse zin. Hier is de predicate een intransitive verb. Die kan geen direct object hebben. Bijvoorbeeld:

We sleep.
Dogs bark.

Direct objects zijn woorden waarmee iets gebeurt. Het subject is een persoon of ding dat iets doet met het object.

Subject – linking verb – subject complement

In deze zinsvolgorde is de predicate een linking verb gevolgd door een subject complement. Die laatste maakt het subject compleet, door het te beschrijven of hernoemen. 

 

Dolphins are social animals. 

In deze zin staat een transitive verb. Deze verb vormt samen met een direct object het predicate.

Trainees need encouragement.

Het direct object beschrijft de ontvanger van de verbs actie. Als je het direct object wilt vinden, stel jezelf dan de vraag wie/wat + verb + subject. 

In deze zin staat een object complement. Dit is een noun of adjective. 

My friend named her newborn daughter Faylienne

Het object complement beschrijft of hernoemt het direct object en maakt zo de betekenis ervan compleet. 

 

Hier komt het subject na de verb. There/it zijn ‘lege woorden’ die de plek opvullen,e waar normaal het subject staat. 

4 soorten Engelse zinnen

Een simpele zin of simple sentence is een enkele independent clause

Een compound sentence is twee independent clauses verbonden door: 

  • I like it here, but I want to go home.
  • This part is finished; however, we have 7 parts to go.
  • Let us have dinner; I want fish and chips.

In tegenstelling tot de simple sentence, heeft de complex sentence een independent clause én minstens een dependent clause.

Je raad het al: een compound-complex sentence heeft minstens twee independent clauses en tenminste een dependent clause.

[The first part of speech we discussed were nouns], [that name a person, place, thing or idea], [and the first pronouns were personal pronouns].

We willen deze lange zinnen vermijden. Hierover in het volgende deel meer.

3 Engelse vraagzinnen

 Engelse zinnen vragend maken.

Yes/no questions beginnen altijd met een verb. Deze vragen beantwoord je met ja of nee. 

Information questions beginnen met een question word. Bijvoorbeeld who, when, where, which, how

Tag questions gebruik je in een informele setting. Hierbij plaats je een ‘tag’ achteraan de zin. 

Je gebruikt deze vraagzin als je verwacht dat de ander met je instemt. 

Negative tag:

We finished this part, didn’t we

Possitive tag:

We didn’t miss anything, did we?

Het verschil tussen een phrase, clause en sentence

Een phrase is een groep woorden in een zin, zonder het onderwerp of werkwoord, die samen een betekenis vormt. De groep woorden met een onderwerp en werkwoord, die samen een betekenis vormt, noemen we een clause. Een clause kan opzichzelf een sentence zijn. Een sentence kan meerdere clauses hebben, maar bestaat minimaal uit één clause.

Deel II: Duidelijke zinnen maken in het Engels

In deel 2 van deze cursus zakelijk Engels leer je goede Engelse zinnen maken. Ben je benieuwd naar mijn volgende post? Volg me dan op LinkedIn .

Stuur me een e-mail als je geen LinkedIn hebt. Dan geef ik je een seintje, zodra ik een nieuw bericht online zet.

Neem gerust contact op als ik je op een andere manier kan helpen. Bijvoorbeeld bij het nakijken van je eigen Engelse teksten of het vertalen van Nederlandse teksten.

Wave Content gebruikt alleen cookies om de website te verbeteren.